Leonardo-onderwijs
Inleiding
Leonardo-onderwijs op het Aloysius College is een vorm van onderwijs voor hoogbegaafde leerlingen. Leonardo-onderwijs op het Aloysius College leidt op tot een vwo-diploma en zorgt ervoor dat leerlingen nieuwe wegen inslaan en zich verder maximaal ontwikkelen. Er wordt een beroep gedaan op hun hogere denkvaardigheden en op hun vaak conceptuele manier van denken, ook wel top down-denken genoemd. Het Leonardo-onderwijs kijkt daarom over de grenzen van de verschillende vakken heen en biedt de leerstof zoveel mogelijk top down aan.
Naast deze metacognitieve benadering is verbreding en verdieping van de leerstof noodzakelijk. De verbreding vindt plaats door middel van extra vakken. De verdieping wordt bereikt door bij alle vwo-vakken dieper in te gaan op de leerstof en vakoverstijgend te werken. Daarbij wordt ook samengewerkt met de universiteiten Delft en Nijmegen.De opleidingsduur van het Leonardo-onderwijs is zes jaar.
Een eigen klas
Binnen het Leonardo-onderwijs op het Aloysius College ontwikkelen hoogbegaafde leerlingen zich samen met gelijkgestemden. Zij zitten in een klas met maximaal 20 leerlingen zodat zij zich zowel op intellectueel als sociaal en emotioneel vlak samen kunnen ontwikkelen. Met name bij buitenschoolse activiteiten, sport- en kunstactiviteiten werken zij buiten de lessen samen met andere leerlingen van het Aloysius College.
Onderwijs programma
Dit schooljaar (2011-2012) bestaat de Leonardo-afdeling op het Aloysius College uit drie leerjaren en zijn wij bezig met de opzet van leerjaar 4, 5 en 6. In totaal bestaat de afdeling uit 70 leerlingen.
Link Foto’s Leonardoklas 1
Samenhang tussen vakken
Uitgangspunt bij het Leonardo-onderwijs is de samenhang tussen vakken. Leerlingen leren over de grenzen van de verschillende vakken heen te kijken. Binnen de bètavakken werken de leerlingen aan thema’s. De vakken zijn zodanig geroosterd dat de leerlingen tijdens de Bètamiddag (bio/sk/na/wi) met dit thema aan het werk zijn. Ook binnen de talen bevorderen wij de samenhang waarbij taalverwantschap het uitgangspunt is.
In het fabelproject voor leerjaar 1 en het sprookjesproject voor leerjaar 2 laten de leerlingen zien waartoe die samenhang kan leiden. Bij deze projecten zijn vakken zoals drama, kunst en muziek betrokken.
In het vak onderzoeken en ontwerpen wordt op een wetenschappelijke manier zowel op alfa-, bèta en gamma gebied gewerkt.
Leren ondernemen en aardrijkskunde worden in samenhang gegeven.
Leerlingen in de Leonardo-klassen volgen de vakken: Nederlands, Engels, Frans, Latijn, Grieks, Chinese taal en cultuur, filosofie, Wiskunde, Informatica, Robotica, Science, Muziek, Kunst, Drama, Aardrijkskunde, Geschiedenis, Leren ondernemen, Onderzoeken en ontwerpen, Leren leren/communicatie/omgaan met hoogbegaafdheid en Lichamelijke opvoeding. Informatica wordt geïntegreerd binnen de vakken.
In leerjaar 1 volgen de leerlingen bijna alle vakken in een vast lokaal m.u.v. Science, Kunst, Muziek en Lichamelijke opvoeding. Alle leerlingen beschikken over een eigen laptop.
Lessentabellen (link) ?!!?
Begeleiding
Alle Leonardo-klassen worden begeleid door twee mentoren. Deze twee docenten geven wekelijks het vak ‘leren leren’, omgaan met hoogbegaafdheid en communicatie. Zij overleggen met de leerlingen en hun ouders. Zij zijn de spil in de begeleiding en informatie betreffende het sociale, emotionele en cognitieve leerproces. Wekelijks hebben zij overleg met de afdelingsleider.
In sommige situaties is het nodig dat individuele leerlingen extra intern of extern worden begeleid. Dit vindt plaats in overleg met de ouders.
Rapportage
De cognitieve en sociaal emotionele ontwikkeling van de leerlingen wordt weergegeven in de rapportage. Deze rapportage bestaat vier keer per jaar uit een cijferrapport. Uitgangspunt is het halen van een vwo- diploma en dus een vwo- niveau. Minimaal twee maal per jaar ontvangt iedere leerling naast de cijferrapportage een geschreven rapportage waarin de metacognitieve kennis en vaardigheden, de sociaal emotionele ontwikkeling en de ontwikkeling binnen de vakken wordt weergegeven.
Overgangsregeling
De intentie is de Leonardo-leerlingen drie jaar lang in een klas te houden en de leerling zich te laten ontwikkelen, maar wel binnen de kaders van het halen van een vwo-diploma. De leerlingen zullen moeten laten zien dat zij zich ontwikkelen. In bepaalde situaties kan het zijn dat de leerling zich te gering of niet ontwikkelt en de stap naar een volgend leerjaar kan dan te veel gevraagd zijn. Bij de overgangsvergadering wordt gebruik gemaakt van de vwo- eisen rekening houdend met de hoeveelheid vakken. Bij de overstap naar 4 vwo wordt ook gebruik gemaakt van de vwo-eisen.
Wanneer blijkt dat het Leonardo-onderwijs voor een leerling te zwaar is, wordt in overleg met de ouders gekeken naar een passende oplossing.
Geschoolde docenten
De docenten die lesgeven op de Leonardo-afdeling hebben een uitgebreide scholing gevolgd op het gebied van hoogbegaafdheid. Zij weten heel goed wat het betekent hoogbegaafd te zijn, wat het betekent beelddenker te zijn, hoe hoogbegaafde leerlingen leren en welke didactische aanpak voor hen vereist is. De muziekdocenten hebben een aparte scholing gevolgd die betrekking heeft op muziekonderwijs zoals dat op alle Leonardo-scholen wordt gegeven. De docenten blijven zich scholen zodat zij zich blijven verdiepen in actuele ont wikkelingen op het gebied van hoogbegaafdheid.
Link Foto Leonardodocenten (nieuwe volgt)
Toelating tot de Leonardo-klas(sen).
Leerlingen vanaf 10 jaar met voldoende empathisch vermogen en een IQ vanaf 130 kunnen, na een uitgebreide intake, worden toegelaten.
Aanmelding en inschrijving
Wanneer uw zoon/dochter belangstelling heeft voor de Leonardo-klas kunt u het belangstellingsformulier downloaden en insturen. Uw zoon/dochter wordt op de lijst geplaatst op datum van aanmelding. In het jaar voorafgaande aan het jaar waarop uw zoon/dochter gaat starten, neemt mevrouw O. Heetman in oktober/november contact met u op.